Leesplankje F.E. Becker omstreeks 1954.

Omstreeks 1954.

In bezit
Leesplankje F.E. Becker omstreeks 1954.

Specificaties

Uitgave
Dit leesplankje (ook wel leesbordje genoemd) is de derde en laatste versie van Aap-Roos-Zeef en werd gebruikt bij de leesmethode "Ik lees al".
Jaar / periode
Omstreeks 1954.
Uitgeverij
Het Rooms-Katholieke Jongensweeshuis. In 1958 Zwijsen
Stad
Tilburg
Illustrator
J. Smulders en F.E. Becker, pseudoniem voor Frater Euthymius Bekker ontwierp de versie uit 1905. Deze uitvoering uit 1954 is een bewerking van o.a "de bewerkers" (jonge fraters) waartoe frater Caesaris Mommers ook behoorde.
Normaalwoorden
Het plankje bestaat uit drie rijen met in totaal achtien afbeeldingen en normaalwoorden. Dat zijn woorden waarin de klinkers en medeklinkers hun ongewijzigde klank hebben. De woorden zijn: aap, roos, zeef, muur, voet, neus, lam, gijs, riem, muis, ei, juk, jet, wip, does, hok, bok, kous.
Afmeting
ca 17,2 x 26,5 cm.
Materiaal
Het plankje is van hout beplakt met papier. Bij dit plankje hoorden een letterdoosje, klassikale leesplank met e.v.t. een standaard en vertelselplaat, handleiding, boordoefeningen, kort overzicht en tien leesboekjes "ik lees al".
Gebruikt in
1954 en omdat veel katholieke scholen hun leermiddelen bij Het Rooms-katholieke Jongensweeshuis bestelde werd er vaak gesproken over het Katholieke leesplankje. Dit is onjuist. Dit plankje met neutrale woordjes, werd ook door de openbare scholen afgenomen. Wel stonden er in de leesboekjes zinnetjes met een katholieke tendens.

Letterdoosje.

Het doosje is van plastic, geel van kleur en heeft een diameter van 6,5 cm en is 2,5 cm hoog en bevat 61 lettertjes. 
De lettertjes hebben twee kleuren. De klinkers blauw en de medeklinkers zwart.

Dit letterdoosje heb ik in bezit.


Klassikaal leesbord.

Ook wel het vernieuwde leesbord genoemd. Evenals het kleine leesplankje betrof de grootste verandering ten opzichte van de eerder uitgekomen versies uit 1910 en 1934 de plaatjes. De meer romantische afbeeldingen werden vervangen door nieuwe ‘kale’ afbeeldingen. De achtergrond werd bij elke afbeelding weggelaten. Dit was de invloed van de moderne totaliteitspsychologie (gestaltpsychologie). Nu zouden de kinderen meer zuiver waar kunnen nemen. Dit was best wel een versombering van de uitstraling van de plank. De letters werden veranderd naar schrijfletters met een verrassende uitzondering van de “a”. 

De afmeting van het leesbord is 160 cm breed en 145 cm hoog.

Deze leesplank heb ik bezit.


Leesboekjes.

In 1954 werd besloten de leesboekjes opnieuw te moderniseren. “De bewerkers” (enkele jonge fraters) kregen de opdracht de noodzakelijke veranderingen aan te brengen.
Illustraties van Arnold Rog

Het eerste deeltje ging over het leren van de ch. Het leren van de, het en een. 
De moeilijkheid met eer en oor – ei en ij. 
Nieuwe normaalwoorden (met twee bladzijden tekenvoorbeelden). Hoe men het eerste boekje al kon gebruiken, nog voor het gelezen werdt. 

Het tweede deeltje behandeld de b, d, h, k, p, t als beginletter. Ook werd de eindletter gbehandeld en stond er vertelplaten in.

Het derde deeltje bevatte de gt en cht op ’t eind van de woorden. De toonloze e. 
De uitgang eur en twee vertelplaten.

In het vierde deeltje werden de open klinkers en de hoofdletters behandeld. Ook staan er twee vertelplaten in.

Het vijfde leesboekje werd de ng de aai, ooi en oei geleerd. Ook de woorden als nestje en kastje. Alsmede de uitgangen lf, rp, enz.

De leerstof voor het zesde boekje was:
De toonloze a, e, i, en ij. De eid-d, b, nk, eeu, ieu, au en w. De verdubbeling van medeklinkers en tweelettergrepige woorden.

Het zevende boekje ging over de open a, e, i, oen u. 

Boekje acht ging over vreemde woorden en onnederlandse lettertekens.

In het negende en tiende boekje werden de lesjes besproken. 

Deze leesboekjes heb ik in bezit.



Naamsverandering.

Na de naamsverandering in 1958 van Rooms Katholiek JongensWeeshuis (RKJW) naar Uitgeverij Zwijsen zijn de leesboekjes bedrukt met de nieuwe naam. Zelfs in 1966 zijn er nog scholen die gebruik maakten van deze methode en dus ook van deze boekjes. Vanaf 1910 tot 1956 zijn er 1.225.000 exemplaren verkocht.

Deze leesboekjes heb ik in bezit.