
Letterdoosje.
Het doosje is van plastic, geel van kleur en heeft een diameter van 6,5 cm en is 2,5 cm hoog en bevat 61 lettertjes.
De lettertjes hebben twee kleuren. De klinkers blauw en de medeklinkers zwart.
Dit letterdoosje heb ik in bezit.

Klassikaal leesbord.
Ook wel het vernieuwde leesbord genoemd. Evenals het kleine leesplankje betrof de grootste verandering ten opzichte van de eerder uitgekomen versies uit 1910 en 1934 de plaatjes. De meer romantische afbeeldingen werden vervangen door nieuwe ‘kale’ afbeeldingen. De achtergrond werd bij elke afbeelding weggelaten. Dit was de invloed van de moderne totaliteitspsychologie (gestaltpsychologie). Nu zouden de kinderen meer zuiver waar kunnen nemen. Dit was best wel een versombering van de uitstraling van de plank. De letters werden veranderd naar schrijfletters met een verrassende uitzondering van de “a”.
De afmeting van het leesbord is 160 cm breed en 145 cm hoog.
Deze leesplank heb ik bezit.










Leesboekjes.
In 1954 werd besloten de leesboekjes opnieuw te moderniseren. “De bewerkers” (enkele jonge fraters) kregen de opdracht de noodzakelijke veranderingen aan te brengen.
Illustraties van Arnold Rog
Het eerste deeltje ging over het leren van de ch. Het leren van de, het en een.
De moeilijkheid met eer en oor – ei en ij.
Nieuwe normaalwoorden (met twee bladzijden tekenvoorbeelden). Hoe men het eerste boekje al kon gebruiken, nog voor het gelezen werdt.
Het tweede deeltje behandeld de b, d, h, k, p, t als beginletter. Ook werd de eindletter gbehandeld en stond er vertelplaten in.
Het derde deeltje bevatte de gt en cht op ’t eind van de woorden. De toonloze e.
De uitgang eur en twee vertelplaten.
In het vierde deeltje werden de open klinkers en de hoofdletters behandeld. Ook staan er twee vertelplaten in.
Het vijfde leesboekje werd de ng de aai, ooi en oei geleerd. Ook de woorden als nestje en kastje. Alsmede de uitgangen lf, rp, enz.
De leerstof voor het zesde boekje was:
De toonloze a, e, i, en ij. De eid-d, b, nk, eeu, ieu, au en w. De verdubbeling van medeklinkers en tweelettergrepige woorden.
Het zevende boekje ging over de open a, e, i, oen u.
Boekje acht ging over vreemde woorden en onnederlandse lettertekens.
In het negende en tiende boekje werden de lesjes besproken.
Deze leesboekjes heb ik in bezit.










Naamsverandering.
Na de naamsverandering in 1958 van Rooms Katholiek JongensWeeshuis (RKJW) naar Uitgeverij Zwijsen zijn de leesboekjes bedrukt met de nieuwe naam. Zelfs in 1966 zijn er nog scholen die gebruik maakten van deze methode en dus ook van deze boekjes. Vanaf 1910 tot 1956 zijn er 1.225.000 exemplaren verkocht.
Deze leesboekjes heb ik in bezit.